(-)
De hemel trekt vol wolken hier.
Er zwerven meeuwen boven de diepenring
op zoek naar oud brood.
Het onweer beroerd de stad en valt even
in de palm van een vreemdeling. De lijnen
van belofte die ergens anders eindigen.
Tussen zijn dijen ligt een bord met kersen
half leeggegeten. Hij slaapt en ik luister
weer naar de wind, ademloos.
Als de muren niet meer verschuiven,
open ik je brief en een portret blijft haken
aan de randen van mijn bed.
Vrouw in blauw tegen rode deur,
ogen afgewend. Zo ben je helemaal, blijf je,
ik heb je zelfportret genomen.
Tussen mijn wimpers zie ik de schaduw
van een kersenpit branden op de muur. Helderer
dan ooit ruik ik de geur van overgave.
Albertina Soepboer
uit: De Dieptering
Albertina Soepboer (Holwert, 1969) studeerde Spaans en is docent creatief schrijven aan de Schrijversschool in Groningen. Ze debuteerde met Friestalige poëzie, daarna gaf ze diverse Nederlandstalige bundels uit. Het hier opgenomen gedicht komt uit haar zojuist verschenen bundel De Dieptering.
