Marc Kregting
- Kom gauw in de wal, plaats is voor een dikke
twee plus handelsreizigerstong. Haast eenstemmig
word je ingehaald, want je geldt toch wel als
een wonder van acribie gelet op hetgeen aan je
nagels zit. De staat waarborgt alle uitkeringen.
En nabij de gewelven neergeschreven, voiles vol
cement met de adem van knaag. Er is een opdracht
door te glippen, zonder alle lava koud blijven
als marmer. Je gebitsingewanden is een naald en
wie hem prikt moet hem prakken. Heb geen schrik,
noch stut de directie van de koopdag menig men.
Het is liefde. Plus een piepje van de rouwrand,
wee zekere quanta lumbale botgeschiedenis en bid
matig. Echter, hoeveel lettertypen er zijn weet
alleen koning Boudewijn, dus trek je anklets aan.
Desgewenst te bevestigen met een hansaplast, hier
daar in de richting van okseltip smerend. Eenmaal
onderweg blijft er plaats, ril maar in je mond -
Marc Kregting
Geboren in 1965. Schrijft de poëzierubriek Laden en lossen voor 'De Gids'. Publiceerde drie dichtbundels. Kregting stoort zich niet aan genre's; in Kopstem/stopnaald gaan proza en poëzie gelijk op, in Hakkel je, hakkel je komen brief en gedicht samen in een caleidoscopische woordenwereld, geïnspireerd door jazzcomposities van Jaco Pastorius.
'Hij doet het erom, dat zie je direct' schreef De Volkskrant.
Het hier opgenomen gedicht is nog niet eerder gepubliceerd.
